Nieuwsbrief Nr. 53 - januari 2010

Begraafplaats SilsburgStormweer kon onze leden niet deren


Nadat de dagen voor de rondleiding de deelnemers vielen als vliegen, van de 26 ingeschreven hielden we er zaterdagmorgen nog 21 over, hield ik mijn hart vast want het weder was er echt niet naar. Uiteindelijk hielden we nog 16 “moedigen” over. En dan nog was het uitkijken want een van de deelnemers zakte al door haar schoeisel nog voor de rondleiding begon, Lilith had gelukkig nog tijd om een nieuw paar laarzen aan te schaffen, een andere, Jacqueline, stond aan het Rochuskerkhof maar raakte ook nog tijdig bij de groep. Die groep verzamelde dankzij Staf, de begraafplaatsbeheerder, in een erg warm wachtzaaltje zodat ons lid Geert Janssens daar van wal kon steken met zijn inleiding.
Geert startte met heel kort de geschiedenis van Borgerhout te vertellen. Zo kwamen we te weten dat Deurne en Borgerhout tot 1836 één waren. Na die “onafhankelijkheid” bleek dat Borgerhout niet over een eigen dodenakker beschikte. Eerst kon men nog, gratis, begraven op Fredegandus te Deurne. Vijf jaar later mocht dit niet meer en kreeg Borgerhout een begraafplaats aan de Driehoekstraat. In 1884 kocht de gemeente van baron De Vinck de grond waar we ons momenteel op bevonden. De nieuwe begraafplaats van Borgerhout in Deurne werd op 23 april 1885 geopend. Naar de eigenaar van talrijke gronden aldaar kreeg de wijk de naam Silsburg. In 1890 kreeg het de naam van “Kerkhof van Onze Lieve Vrouw”. Dan trokken we op pad in de gietende regen. Een eerste halte was bij het graf voor steenkapper en beeldhouwer Alidor Lanckriet, een grafmonument met mooie symboliek. Jos Diels was de stichter van de Koninklijke Land- en Tuinbouwmaatschappij Linneaus.
Jean Baptiste Mussing zetelde in de gemeenteraad en hij had zijn zinnen gezet om burgemeester te worden. Dit ging helaas niet door. Jean Baptiste Mussing was beheerder van de fabrieken NV De Beukelaer en algemeen handelsdirecteur van de NV Portland Cement J. Van den Heuvel te Hemiksem. Wat verder hielden we halt bij het graf van vliegenier Henri Sebrechts. Tijdens de repetitie voor een vliegmeeting stortte zijn vliegtuig na een looping neer: cockpit meer dan een meter in de grond, Sebrechts op slag dood in het bijzijn van zijn echtgenote nota bene. Het straffe van het verhaal was dat men op het lichaam van de overledene een autopsie uitvoerde om te zien “waaraan hij overleden was (?)”.
Via het graf voor schepen Bert Verbeelen en staatssecretaris Maria Verlackt ging het naar Marcel Boulez, “papa pinguïn” genoemd omdat hij als oppasser in de Zoo met de pinguïns kon praten.. Een pinguïn  siert het graf wat sommige bezoekers doet denken dat hij de eigenaar was van het nabijgelegen ijssalon Pinguïn. Felix Van Leemput, diamantbewerker, overleed in een zwembad na een epilepsieaanval. Naast hem ligt Melithor De Vries, leraar en schooldirecteur in het Bosschaertsinstituut te Borgerhout. Hij had een wel heel bekende leerling … Hendrik Conscience.
Arthur Matthijs was de eerste burgemeester die we ontmoeten op onze tocht. Het zou de laatste niet zijn. Een mooi, zij het erg verwaarloosd, beeld op het graf Verbeelen. Jozef Nuyts was bevelhebber van de gewapende pompiers. Tijdens de rellen rond “den bougie” in 1893 naar aanleiding van betogingen in verband met het algemeen stemrecht was hij actief. Er braken toen relletjes uit en volgens sommige bronnen zou Nuyts “vuur” geroepen hebben. Resultaat: vijf doden. Op de hoofdlaan de familiePortocarrero, eigenaar van graanmolens. Een prachtig beeld van Frans Schuermans. Jan Eligius Ossenblok was leraar en propagandist van het Davidsfonds en stichter van het Ossenblokfonds te Borgerhout. Dit reikt jaarlijks prijzen uit aan verdienstelijke leerlingen van Borgerhoutse onderwijsinstellingen (opstel en welsprekendheidswedstrijden).
Charles Naeyaert door iedereen gekend als luitenant maar Geert vertelde hier dat hij een meer dan voortreffelijk tennisspeler was. Als Belgisch kampioen was hij te jong om naar de in 1936 georganiseerde Olympische spelen te gaan. Geert stelde ook dat hij zich toen niet druk hoefde te maken over de “whereabouts”. Intussen waren de paraplu’s al tot de helft herleid. Ria en Jacqueline vertrouwen de resten ervan toe aan de vuilnisbakken van Silsburg. Dit was blijkbaar het sein van de regen om op te houden. De Haes, Olympisch kampioen gewichtheffen in 1920, was de volgende sportieveling gevolgd door wielrenner Leonard Daghelinckx. Op de hoofdlaan zagen we burgemeester De Schutter naast schrijver Paul Lebeau. Bij deze laatste werd er door vele deelnemers gezucht. Lebeau was de schrijver van de “verplichte schoollectuur”: Xantippe, een hele opgave om dit werk te doorworstelen.
Op het rondpunt lag beeldhouwer Rik Sauter en daarnaast het, door de mensen van de begraafplaats zelf opgeknapte, graf voor Jozef Posenaer, kunstschilder. Een prachtige grafkapel voor de familie Paternotte. Onze gids vertelde iets verder het verhaal van de familie Romeo, stichter van de Roma en ook dat het daarnaast gelegen graf in bruikleen werd genomen door een van onze leden. Aansluitend kon hij ons ook nog vertellen dat hij recent de laatste rustplaats voor Pauwels, architect van de Roma ontdekte en dit vlakbij de concessie Romeo. Henri François Nieberding was stichter van het instituut Nieberding. Hij was tevens voorzitter van de vrije scholen.
Verder mooie monumenten voor vleeshouwer Schroeyers en diens zoon Gust Schroeyers. Deze laatste kreeg een prachtig beeld van zijn drie kinderen van de hand van Frans Joris. Het grafmonument van burgemeester Moorkens bezit weer veel symboliek. Prachtig werk leverden vader en zoon Janssens op Silsburg zoals merkbaar op de graven voor koopman in vee Loots, Loons en bij burgemeester Karel De Preter.
Het graf Schurgers, een Nederlandse familie wordt nog keurig onderhouden door de familie. Jules Van Beylen schepen bleek dood achter zijn bureau gezeten te hebben. Burgemeester Van Beveren  was, en is, omstreden zoals bleek uit het feit dat zijn borstbeeld als enige Borgerhoutse burgemeester “spoorloos” blijkt te zijn omwille van zijn “oorlogsverleden”, want zeker niet vaststond. Raadslid Karel Cools zijn grafmonument werd ook opgeknapt door het bedrijf “vader en zoon Janssens”.
Triestiger is het gesteld met het graf voor René Carels: de boom vernield een gedeelte van het monument. Burgemeester Aloïs Sledsens, monument van Albert Poels, ligt vlak bij wielerkampioen Stan Ockers. Ook ligt de beeldhouwer Poels hier ook begraven. Beeldhouwer Baggen, waar we enkele prachtige werken van konden bewonderen op Silsburg, ligt zelf onder een eenvoudig graf.
Via het monument voor de gesneuvelden en enkele slachtoffers van een brand in de kaarsenfabriek Roubaix d’ Oedenkhoven eindigde Geert Janssens bij enkele cenotafen voor burgemeesters Marée en Mellaerts, beiden keurig opgeknapt door “vader en zoon Janssens”.
Doornat maar tevreden trokken we naar droger oorden om de innerlijke mens te versterken.
Jacques Buermans
Foto’s van Ria Vaes behalve 3e foto groep + Verlackt + Marée + Mellaerts + aan tafel van Lilith Kenis.